Tax & Accounting – 

Voor de nieuwe generatie ondernemers!

Overstappen? 

Ontvang 2 maanden gratis!

vermogensgroei

MAATSCHAP VAN BV’S OF ÉÉN WERK-BV? FISCAAL VOORDEEL EN MEER

Maatschap van BV’s versus één gezamenlijke werk-BV: wat is fiscaal voordeliger?

Werk je met meerdere partners samen — bijvoorbeeld in de advocatuur, medische specialismen, notariaat of accountancy — dan kom je al snel bij de vraag hoe je de samenwerking het beste vormgeeft. Twee structuren komen dan steevast langs: een maatschap waarin ieders holding-BV maat is, of één gezamenlijke werk-BV met de holdings van de partners als aandeelhouder erboven. Beide zijn civielrechtelijk prima mogelijk, maar fiscaal maakt de keuze een verrassend groot verschil.

Kan een BV wel maat zijn in een maatschap?

Ja. Een maatschap (artikel 7A:1655 BW) is een samenwerkingsvorm tussen twee of meer personen die iets inbrengen om het voordeel te delen. Dat mogen natuurlijke personen zijn, maar net zo goed rechtspersonen zoals een BV. In de praktijk zie je daarom vaak dat niet de partner zelf maat is, maar diens persoonlijke holding-BV.

De kern: de maatschap is fiscaal transparant

Een maatschap is zelf geen belastingplichtige voor de vennootschapsbelasting. Het resultaat wordt rechtstreeks toegerekend aan de maten, ieder naar zijn eigen winstaandeel. Is die maat een BV, dan valt het aandeel in de winst gewoon in de eigen Vpb-aangifte van die BV — inclusief de eigen tariefschijf.

En daar zit het verschil met een gezamenlijke werk-BV: die is één belastingplichtige met één schijf van €200.000 tegen 19%, ongeacht hoeveel partners eraan meewerken. Bij een maatschap van holdings heeft elke BV zijn eigen schijf van €200.000.

Rekenvoorbeeld: drie partners, gezamenlijke winst €900.000

Werk-BV (1 belastingplichtige)  VS Maatschap met 3 holdings

Werk-BV €900.000 winst = €200.000 x lage 19% tarief + €700.000 x hoge 25,8% tarief =€218.600 belasting

Maatschap met 3x holding erboven

€300.000 winst per holding = €200.00 x lage 19% tarief + €100.000 x hoge 25,8% tarief = €63.800 belasting per holding = €191.400 belasting 

Een verschil van €27.200

Puur door de winst over drie afzonderlijke belastingplichtigen te verdelen in plaats van in één rechtspersoon, blijft hier ruim €27.000 meer over. Hoe meer partners, hoe groter dit voordeel kan uitpakken.

Niet-fiscale voordelen van de maatschap

Het fiscale voordeel is meestal doorslaggevend, maar er spelen ook praktische redenen mee:

Eenvoudiger toe- en uittreding. Een nieuwe maat toelaten of een vertrekkende maat uitkopen kan via aanpassing van de maatschapsovereenkomst. Bij een werk-BV moet je aandelen overdragen via een notariële akte, met alle bijkomende formaliteiten van dien.
Flexibele winstverdeling. De verdeling kan jaarlijks worden aangepast aan omzet, uren of inzet per maat — praktisch in praktijken waar de productie sterk verschilt per persoon.
Eigen beheer per praktijk. Elke maat houdt via zijn BV eigen resultaat, investeringen en pensioenopbouw gescheiden, in plaats van alles samen te voegen in één rechtspersoon met gezamenlijk bestuur.
Lichtere governance. Geen statuten of formele aandeelhoudersvergadering nodig op maatschapsniveau — het maatschapscontract regelt de afspraken.

Wanneer is een werk-BV toch de betere keuze?

De maatschap is niet in alle gevallen de winnaar:

Aansprakelijkheid. Maten zijn in beginsel voor gelijke delen aansprakelijk voor schulden van de maatschap, tenzij anders geregeld. Het risico van de een raakt zo indirect ook de ander. Bij een werk-BV is de werk-BV zelf de contractpartij, en blijven de holdings daarachter afgeschermd.
Financiering en personeel. Voor bankfinanciering, het gezamenlijk aannemen van personeel, of het aantrekken van een investeerder werkt één centrale rechtspersoon vaak praktischer.
Zakelijkheid. De structuur moet een reële samenwerking weerspiegelen — winstverdeling, taken en risico moeten kloppen met de praktijk, anders ontstaat discussie met de Belastingdienst.

Een combinatie is ook mogelijk

In de praktijk kiezen veel partnerships voor een hybride vorm: de winstgevende kernactiviteit loopt via de maatschap van holdings (fiscaal voordeel plus flexibiliteit), terwijl personeel, huisvesting of kapitaalintensieve zaken zijn ondergebracht in een aparte, gezamenlijke BV.

Conclusie

Voor samenwerkende ondernemers met eigen holding-BV’s levert een maatschap van BV’s structureel belastingvoordeel op ten opzichte van één gezamenlijke werk-BV, simpelweg omdat elke partner zijn eigen laagtarief-schijf benut. Daar staat tegenover dat de aansprakelijkheid en governance anders liggen dan bij een centrale werk-BV. Welke structuur het beste past, hangt af van de omvang van de praktijk, het aantal partners en de risico’s die worden gelopen.

*Twijfel je welke structuur bij jouw praktijk past? Neem contact op voor een advies op maat. 

Share the Post:

Meer artikelen